Hoe ziet een klasje er dan uit als je rekening houdt met alle leerproblemen?
Het kind met AD(H)D krijgt een rustigere plek in de klas, liefst waar minder afleiding is. Meestal raad men aan het kind vooraan in de klas te zetten.
Het kind met dyslexie kan extra tijd krijgen voor zijn proefwerken, en begrip krijgen als het niet gelukt is het huiswerk af te maken. We plaatsen het aan de zijkant, zodat het nog tijdens de speeltijd zijn toets verder kan maken.
Het kind met NLD zit naast zijn buddy. Hij krijgt de kans hier en daar taken over te slaan of werkjes niet uit te voeren. Vergeet niet om regelmatig eens naast hem te gaan staan ter controle of alles wel begrepen is. En zoals het in de aanbevelingen staat, zetten we het kind liefst links in de klas. Alleen staat er nergens te lezen vanuit welk oogpunt, héhé.
Het kind met dyscalculie weet dat vooraan op de lessenaar altijd(!) een niet-wetenschappelijk rekenmachine zal liggen, samen met reken- en regelkaarten. Dus om een beetje orde in de klas te bewaren, zetten we dit braaf kind ook vooraan in de klas.
Let op! Het vaste bankje van het autistische kind zullen we liefst niet onaangekondigd verplaatsen. Aangezien duidelijke en korte instructies helpen dit kind deze chaos te overleven, zetten we het ook liefst niet te ver naar achteren. Misschien naast het kind met dysfasie?
Deze leerling wordt namelijk het best vooraan in het midden van het lokaal gezet. Zo kan je rustig, luidsprekend met gebaren de opdrachtjes geven. Leg naast de regelkaarten en het rekenmachientje de stappenplannetjes van jouw vak, liefst geplastificeerd en op een gekleurd papier. Op deze manier bespaar je toch op zijn minst de tijd om het ‘nog eens’ op het bord te schrijven.
Want je met je rug naar de klas draaien, kan voor de leerling met ADHD weer de aanleiding zijn weer wat stof te doen opwaaien in de kennisfabriek!
Het hoogbegaafd kind wordt intussen best gediend met extra opdrachten van een hoger niveau, waar weer een uitdaging in zit. Of had je net dat niet voorzien? Jammer, net zij vallen in ieder onderwijssysteem uit de boot! Net zij die nood hebben aan ‘brainfood’ krijgen het niet. Net zij gaan hierdoor vaak de ‘ezel’ uithangen, omdat ze licht gefrustreerd hun tijd zitten te verprutsen en vooruit wilden. (Hoor wie spreekt!)

Overdrijf ik? Misschien wel ja. Maar ik heb alvast een klas van 17 leerlingen gehad waarvan 8 leerlingen met specifieke noden! En als je wil weten of dat schering en inslag wordt, kan je best m’n blog er op na lezen.

Ik ga er prat op dat ik op een redelijk vlotte manier een klas van 20 leerlingen iets kan aanbrengen. Ik vind wel dat dat een leerling met een specifiek probleem aandacht voor 2 opeist. Het gevolg zou nu mogen zijn dat mijn klas nog maar 19 kinderen telt. Bepaalde afwijkingen vragen echter nog meer pedagogische aandacht en kunnen voor 3 of misschien zelfs voor 4 tellen? Pas op! Een zeer bekend kinderpsychiater stelde al dat 1 verzorger in de bijzondere jeugdzorg maar met moeite 4 kinderen aan kan omdat die voor 5 tellen! Het is een kinderlijke redenering. Ik weet niet wat het bespaart, als regenten 1 uur langer werken voor hetzelfde loon, maar het kan een denkpiste zijn. Misschien kan een leraar zich toeleggen op één bepaalde leerstoornis en dan deze samen in 1 klas nemen. Misschien lopen de lessen dan wat meer gesmeerd en stoort het drukke kind niet dat kind dat rust nodig heeft? Misschien is ook dit weer onbetaalbaar, omdat er een klas méér zal zijn dan in de huidige manier van ‘klasvullerij’

Mag ik eens een andere vraag stellen? Hoeveel bedraagt de meerkost van een verzwakkende maatschappij waar een groeiend aantal deelnemers steeds slechter schrijft, niet verder kan zonder hulpmiddelen, moeite heeft met lezen en auto’s maanden ‘verloren’ geraken? Als ze daarenboven nauwelijks normen en waarden mogen worden aangeleerd en niet zonder afstompende technologiesnufjes en internet kunnen? Een plek waar alle bedrijven met plezier wegtrekken omdat de toekomstige werknemers enkel denken aan een plicht als eerst al hun ‘rechten’ ingewilligd zijn?

Hoe kan je nu al die leerproblemen in goede banen leiden?
Herinner je je dat verhaal van het kereltje met het syndroom van Asperger. Dankzij de enorme inzet van de G.On-medewerker slaagde het jongetje toch te volgen in het reguliere onderwijs. Hij had gelukkig genoeg talenten en een gezonde dosis doorzettingsvermogen. Jammer dat een dergelijke extra begeleiding handenvol geld en tijd kost. Het afschuiven op de gewone vakleerkracht, wat vaak gebeurt, doet de alsmaar trager rijdende groep nog extra in de remmen gaan en ons onderwijs is al zo vlak.

Wat is G.On nu eigenlijk? Dit letterwoord staat voor geïntegreerd onderwijs. Het is een samenwerking tussen het gewoon onderwijs en het buitengewoon onderwijs. G.On kan gegeven worden op van 2,5 tot 18 jaar. De betrachting is om kinderen die normaliter niet in het gewone onderwijs terecht kunnen met behulp van een externe leerkracht of logopedist toch te laten meedraaien. De begeleiding duurt enkele lesuren per week. Deze begeleiding gaat door tijdens de schooluren en is persoonlijk (buiten het klaslokaal) en op maat (een individueel handelingsplan wordt in het begin van het schooljaar opgesteld). Zo zal vaak het deel ‘leren’ leren deel van de begeleiding uitmaken. Helaas heeft een kind er slechts 2 jaar recht op.

Het is het al niet eenvoudig om een klas van 20 ‘gewone’ leerlingen af te leveren die voldoen aan de maatschappelijke verwachtingen. We hebben al meer dan de handen vol om jongvolwassenen te vormen die zonder kapsones de bedrijfswereld in kunnen stappen. Deze leerlingen met extra aandacht kunnen goede resultaten te halen, maar dan moet de leraar extra inspanningen leveren! Zo kan een leerling met autisme via de begeleider aandacht geven voor de wijze van communiceren en het geven van instructies. Ons, leerkrachten, kan worden uitgelegd hoe zij hun zwaktes compenseren. De begeleider is tevens een vertrouwenspersoon die waakt over de sociaal-emotionele gevolgen van de confrontatie tussen de leerling en de rest van de klas. Dat klinkt zeer serieus en intensief en dat is het ook!

Maar wat is nu het jammerlijke van al deze inspanningen? Je mag als ouder maar 2 jaar beroep doen op zo’n begeleiding. Na die periode moet de leerling (maar) op eigen benen staan. Jammer genoeg zijn theorie en praktijk toch net wat anders. Ik heb zo eens op 1 jaar tijd 4 leerlingen weten falen na het wegvallen van die bijzondere hulp. Vandaar mijn warm pleidooi: “Belast er ons ‘als het u belieft’ geen 2 jaar mee om ze dan toch aan hun lot over te laten! We moeten al tijd steken in AD(H)D’ers, extra zorg besteden aan dyslexie en dyscalculie… . Het lijstje zorgleerlingen overheerst stilaan het klasverloop in die mate dat wij eerder kinderoppas spelen dan kennis leren verwerken.  En tot op heden is de slaagkans van deze bijzondere leerlingen zeer laag. Is al dat sop de kool waard geweest?”

Om aan te tonen dat ik wel een hart heb voor deze kinderen, deed ik de minister van onderwijs een stout voorstel. Tijdens zijn publiciteitsronde doorheen Vlaanderen met de ronkende titel: “zeghethemzelf”, legde ik mijn ‘ei’. Vreemd genoeg reageerde de hele zaal zeer enthousiast op mijn voorstel! Ik herformuleer:

‘Ik ben bereid om 2 tot zelfs 4 uur extra les te geven voor hetzelfde loon, op voorwaarde dat de G.On-begeleiding ‘all the way’ gaat of toch op zijn minst intact blijft zoals ze nu is!’ Waarom kunnen dan met die besparingen geen kleinere klassen gemaakt worden, of meer begeleiding voor de bestempelde leerlingen? Want ik weet niet of ik nog jaren kan lesgeven met een steeds maar groeiend takenpakket en verantwoordelijkheden die ik in de vorige hoofdstukken opsomde. Het was hartverwarmend zo velen hun groen briefje ( pro ) in de lucht te zien steken. Tot op heden bleef het muisstil vanuit het kabinet, ondanks mijn ijverig neergeschreven relaas. Ik hoor mijn collega’s al steigeren en briesen. 22 of 21 lesuren zijn voor een regent of licentiaat verworvenheden! Onze collega’s uit het basisonderwijs, draaien volledige werkweken mee en we hebben toch nog 3 maand vakantie, nietwaar. Bah, ik counter altijd met de opmerking:’Als je toponderwijs en flexibele leerlingen wil, geef dan het voorbeeld door zelf flexibel te zijn en te streven naar perfectie.’